Dag 119 - 130 op de PCT

4 september 2025 - Thomas van Roijen

Onze redacteur Thomas heeft zijn wandelschoenen opnieuw gestrikt voor een ongekend avontuur: hij is begonnen aan de volledige Pacific Crest Trail, een ruim 4300 kilometer lange tocht dwars door de Verenigde Staten. Wandelaars die deze tocht in een keer van begin tot eind afleggen, zogenaamde thru-hikers, trekken door de diverse en ongerepte natuur van de staten Californië, Oregon en Washington. Deze week vindt hij onderweg bosbessen en lift hij langs de hoofdweg.

Op mijn laatste dag in Bend kon ik nog een laatste keer uitslapen. Daarna deed ik mijn laatste paar schoenen van de reis aan en pakte samen met Tigger de bus naar het busstation waar Burn Unit werkte. Daar zeiden we haar gedag en namen we de bus naar Sisters. Vanaf daar waren we namelijk een stuk dichter bij de PCT-kruising met de Highway 20.

Nadat ik Tigger gedag had gezegd in Sisters, ging ik naar een postkantoor om twee dozen voorraad vooruit te sturen. Daarna haalde ik lunch bij een bakkerij en haalde ik een hele berg blogwerk in. Sinds mijn vertrek uit Ashland had ik namelijk alleen tijd gehad om aantekeningen te maken, maar stond er nog geen enkele zin op papier. Rond 19:30 stond alles online en ging ik na wat te hebben gegeten langs de hoofdweg staan om te liften.

Niet veel later werd ik opgepikt door Zach, die onderweg was naar de wijngaard waar hij werkte. Hij zette me rond zonsondergang af bij de parkeerplaats langs de PCT en gaf me een perzik mee uit Californië. Toen ik niet ver van de trail mijn cowboycamp opzette, kwam ik Pat uit Nevada tegen. Hij had eerder dit jaar een sectie van de PCT gelopen in de Mojavewoestijn. Nu wachtte hij hiker Analog op, die hij een lift naar Sisters of Bend wilde geven. Ook gaf hij me een koud biertje uit zijn pick-up. Voordat ik ging slapen genoot ik dus van een sappige perzik en een verfrissende IPA.

Het bleek een slechte keuze om te cowboycampen. Ondanks de heldere lucht werd het 's nachts namelijk erg vochtig, waardoor mijn spullen kletsnat werden van de condensatie. De volgende ochtend was het nog steeds behoorlijk nat, dus ik besloot mijn spullen later op de dag te drogen. Vandaag liep ik het ene moment tussen afgebrande bomen en het andere door oude bossen. Er stond een frisse wind en de temperatuur kwam net boven de 20 graden uit, dus op de onbeschutte hellingen van dode bomen was het goed te doen. Bovendien groeide hier in de zon grote dorstlessende bosbessen, waar ik niet zomaar aan voorbij kon lopen.

20250819_120022

Ondertussen werden de bergtoppen met iedere stap indrukwekkender. Zo passeerde ik 's ochtends de grillige Three Fingered Jack en leidde de trail me richting de besneeuwde hellingen van Mount Jefferson in het noorden. Elke keer als ik een nieuwe bergrug over was of een bocht nam, leek deze laatste berg nog mooier geworden. Zeker in het avondlicht en de wolkenpartijen die de bergtop met witte sluiers versierden.

Rond 19:15 vulde ik mijn watervoorraad aan bij Shale Lake. Ik had hier graag willen kamperen vanwege het prachtige uitzicht, maar daar was een aparte vergunning voor nodig. Tijdens het waterfilteren raakte ik in gesprek met Brad uit Portland, die een paar dagen in de bergen rondtrok en langs het meer kampeerde. Hij had zijn camera op een statief gezet om Mount Jefferson vast te leggen in het strijklicht van de ondergaande zon.

20250819_122923

Zijn kampeervergunning was voor twee tenten geldig, dus hij bood me zijn extra tentplaats aan. Dit was een van de mooiste kampeerplekken die ik op de trail was tegengekomen, waardoor ik het aanbod maar al te graag aannam. Terwijl Brad nog een laatste paar foto's maakte voordat het donker werd, at ik mijn avondeten en praatten we over de prachtige natuur van Oregon.

De volgende ochtend was het fris en zat er vanwege het meer een hoop condensatie op mijn tent. Mijn spullen waren deze keer gelukkig grotendeels droog gebleven. Nadat ik via een koude en schaduwrijke westelijke helling was afgedaald, begon ik aan de enige klim van de dag. Deze was soms redelijk steil, maar over het algemeen goed te doen. Toen de trail me door een groot afgebrand bos leidde, was de koude ochtend van eerder ver te zoeken.

20250819_092745

Aan het eind van de ochtend bestonden de bossen weer uit levende bomen en liep ik over groene weides met bloemen in alle kleuren. Toen ik rond 13:00 uur bij een klaterende beek aankwam met een prachtig uitzicht op de noordkant van Mount Jefferson, besloot ik te lunchen. Hier kwam ik ook Tasty tegen, die de zoon bleek te zijn van Ed die mij een rit had gegeven naar Ashland. Ook op de trail kan het soms een kleine wereld zijn.

Nadat ik een dutje had gedaan vertrok ik rond 15:00 uur om de rest van de klim af te maken. Deze was een stuk rotsachtiger en steiler, maar ik werd beloond met uitzicht op Mount Jefferson en Mount Hood in de verte. Nu daalde ik af over stenen en rotsblokken en maakten de levende bomen weer plaats voor dode bomen. 

Aan het eind van de middag nam ik een onverharde weg richting Ollalie Lake Resort, waar PCT'ers gratis mochten kamperen. Ik kon ook nog een tijdje over de trail lopen om later bij de camping uit te komen, maar dan zou ik grotendeels door de restanten van een bosbrand lopen. Op de alternatieve route gaven meren wat kleur aan de grauwe bedoeling en kwam ik hier en daar levende sparren tegen.

20250823_200551

Toen ik rond 19:00 bij de camping aankwam, kocht ik gauw wat blikvoer in het winkeltje en maakte mijn cowboycamp klaar. Daarna ging ik gezellig aan een picknicktafel zitten met Pig Pen, Dapper, Tasty en Smitty, en at mijn avondeten. Het leek een droge nacht te worden, dus ik hoopte dat mijn slaapzak deze keer geen condensatie zou hebben.

Toen ik de volgende ochtend wakker werd, was het fris en viel de condensatie op mijn spullen mee. Ik begon de dag met een etappe door een afgebrand bos waar nog maar weinig van was hersteld. Ik was dan ook opgelucht om na een paar mijl weer tussen de levende bomen te lopen. De bomen leken steeds een stukje groter te worden en de andere planten weelderiger. Van de zon, die fel scheen in een strakblauwe lucht, had ik dus weinig last.

Nadat ik water had gefilterd bij een bron, liep ik voor een paar mijl samen met Dapper, die vijf jaar in Amsterdam had gewoond. We praatten over de verschillen tussen Nederland en de VS en het leven op de trail en daarna. Op de PCT heb je tijdens het lopen een hoop tijd om na te denken, maar spelen de gedachtes veel binnen je eigen hoofd af. Het kan dus erg verfrissend zijn om van gedachten te wisselen en te horen waar anderen over nadenken. Ook leidt dit vaak tot goede gesprekken en concretere ideeën.

In het glooiende terrein kon ik gemakkelijk 30 kilometer lopen voor de lunch, die ik samen met Dapper en Pig Pen langs de Warm Springs River at. Daarna vervolgde ik de dag met een korte, maar redelijk steile klim en een lange afdaling. Terwijl de avondzon het bos in een mooi strijklicht zette, zag ik bij een onverharde weg een camper opdoemen tussen de bomen. Hier trof ik trailangel Carbs en PCT'ers Skippy, Dimples, Pig Pen en Dapper in wat campingstoelen aan.

Zelf ging ik er ook bij zitten en kreeg van Carbs een gebakken eitje, gezonde snacks en een cola. Ook ging ik op een weegschaal staan die aangaf dat ik ruim 10 kilo was afgevallen. De hikerhonger, die me de laatste tijd volledig in zijn greep had, deed me al zoiets vermoeden. Na nog een laatste portie ei liep ik nog anderhalve kilometer verder naar een kampeerterrein met Skippy en Dimples. Er waren hier ook kampeerders met rijdieren, dus ik gaf mijn appelklokhuis aan een paard en aaide een muildier dat er wat eenzaam bij stond. In de schemering was het tijd om mijn cowboycamp klaar te maken en nog een laatste maaltijd te eten.

De volgende ochtend was het duidelijk dat het een warme dag zou worden. Ideaal om weer vooral door bossen te lopen, waar de steile stukken stijgen goed werden afgewisseld met vlakker terrein. Nadat ik had geluncht en een dutje had gedaan, was de indrukwekkende piek van Mount Hood af en toe zichtbaar tussen de bomen. Met zijn 3429 meter is deze vulkaan de hoogste berg van Oregon.

20250819_105506

Aan het begin van de avond dronk ik nog snel wat water bij een beek, voordat ik aan de laatste steile klim van de dag begon. Vooral het zand op de trail maakte de laatste mijl voor ik boven was zwaar. Het goede uitzicht op Mount Hood, die nu volledig zichtbaar was boven de open hellingen, maakte het klimmen draaglijk. Vanwege een verre bosbrand in het zuiden was de lucht rond de bergtop wat heiig.

Toen de klim erop zat had ik de 2100e mijlpaal van de PCT bereikt. Voldaan daalde ik af richting de Timberline Lodge, die filmfanaten misschien herkennen uit de film The Shining van Stanley Kubrick. De buitenkant van het hotel komt namelijk in deze klassieker uit 1980 voor. De bouw van het hotel werd afgerond in 1937 en was een werkverschaffingsproject van president Franklin D. Roosevelt. Door het project werden werkloze ambachtslieden tijdens de crisis van de jaren 30 aan werk geholpen. Aan het bijna 90 jaar oude interieur van hout en antraciet, was het vakmanschap goed af te lezen.

20250822_192822

In het café van het hotel ging ik met een grote groep hikers aan tafel zitten om een gigantische pizza te verorberen. Dat kon mijn naar calorieën snakkende lichaam wel waarderen. Daarna moest ik gauw mijn tent opzetten voor het donker was. Het hotel liet hikers namelijk op de bovenliggende helling kamperen. Op mijn tentplaats had ik mooi zicht op Mount Hood en de Timberline Lodge, maar bij nader inzien had ik misschien een beschuttere plek moeten uitkiezen. Vanwege de harde wind hield ik er een onstuimige nacht opna met weinig uren slaap.

Na een niet al te beste nachtrust, was het tijd om van het ontbijtbuffet van het hotel te genieten. Het buffet  had ik namelijk cadeau gekregen van wat vrienden (dank daarvoor!). Na twee goed gevulde borden en een kommetje grits, zat ik vol. Eerst even uitbuiken in de enorme lobby en mijn spullen opladen, en daarna was het tijd om de trail weer op te gaan.

Rond 11:30 vertrok ik van de lodge. Het was een warme dag en ik bevond me in de vroege middag op grotendeels onbeschutte hellingen. Gelukkig barstte ik van de energie door het buffet, waardoor de lange afdalingen en korte steile klimmetjes soepel verliepen. De PCT liep om Mount Hood heen, dus ik zag een hoop rivieren met grijs smeltwater naar beneden stromen. Ook liep ik steeds meer door dichte bossen van grote bomen en planten, die goed pasten bij het beeld dat ik had van de natuur in het noordwesten van de VS.

20250827_114632

Aan het eind van de middag kwam ik Skippy tegen op de trail. Samen liepen we via een korte alternatieve route naar de prachtige Ramona Falls, die dicht langs een rotswand naar beneden stroomden. Hier nam ik kort een pauze met Skippy en Mono, om aan het begin van de avond weer verder te lopen. Even later begon ik aan een onwijs steile maar korte klim over 5 kilometer. Halverwege dronk ik wat water bij een beek, dompelde mijn shirt en pet onderwater en kwam ik bij. De klim werd op de tweede helft iets geleidelijker, wat wel zo prettig was aan het eind van de dag.

Terwijl mooi avondlicht tussen de bomen viel, begon ik aan een lange afdaling met indrukwekkende uitzichten op Mount Hood. Met de pittige klim achter de rug, realiseerde ik me goed wat er na alle inspanning wordt bedoeld met 'de moeite waard'. Na een prettige klim naar een beek zette ik mijn cowboycamp op. Toen ik diep in de schemering mijn avondeten at, zag ik een lichtje mijn kant op komen over de trail. Het was Smooth die opzoek was naar een kampplaats. Er was naast mijn plekje nog genoeg ruimte, dus hij kon daar prima zijn tent opzetten.

20250822_202452

De volgende ochtend vertrok ik om 07:30 en begon ik aan een lange geleidelijke klim over beboste hellingen. De stukken die ik door de zon liep waren ontzettend warm. Vandaag zou het 32 graden worden, dus dat was niet heel vreemd.

Aan het begin van de middag nam ik de populaire alternatieve route naar Tunnel Falls. Het pad liep aan het begin bijna lijnrecht naar beneden door een verbrand bos. Ik was dus blij dat ik meer dan genoeg water had ingeslagen bij de laatste beek. Bij de volgende beek nam ik driekwartier pauze in de schaduw, om rond 15:00 weer verder af te dalen. De route voerde me langs de brede Eagle Creek die tussen hoge rotswanden naar beneden stroomde. Het was hier iets koeler, dus ik merkte hier iets minder van de hitte.

Ook stortten prachtige watervallen zich hier naar beneden, met als toppunt Tunnel Falls. Via een uitgehakte doorgang liep het pad achter de waterval langs. De omgeving was ontzettend indrukwekkend, maar het was nog steeds broeierig heet. Hierdoor was het soms lastig om alle schoonheid om me heen te waarderen. Toen ik in de vroege avond de kloof achter me had gelaten, liep ik samen met River uit Leipzig verder naar Cascade Locks. Met 50 meter boven zeeniveau, was dit het laagste punt op de PCT.

20250824_155244

In Cascade Locks, waar ik eerder nog met Trail Days was, gingen we eerst naar een restaurant. We kwamen ongeveer tegelijk aan met wat andere hikers, waardoor we al snel met een gezellige groep aan tafel zaten. Na het eten was het tijd om te douchen en om mijn cowboycamp klaar te maken op het volle PCT-gedeelte van de camping.

Op mijn 'nearo day' (een dag waarop je 'bijna' een zero day neemt) sliep ik uit tot 08:00, at ik mijn ontbijt en pakte ik de bus naar Hood River. Hier kon ik een was draaien en goedkoop voorraad inslaan bij de Walmart. In de supermarkt kwam ik Fly High tegen, dus we besloten samen te lunchen bij een goed Hawaïaans restaurant met grote porties. Om 14:30 pakte ik de bus terug naar Cascade Locks, waar ik mijn laatste klusjes afrondde.

Rond 18:45 liep ik richting de Bridge of the Gods om de Columbia River over te steken naar Washington. Deze brug klinkt waarschijnlijk bekend voor de lezers van het boek Wild. Dit is namelijk de brug waar Cheryl Strayed haar tocht op de PCT eindigde. Toen ik de brug bijna over was, was dit een goede boost voor mijn zelfvertrouwen. Met Washington had ik de laatste staat op de trail bereikt en had ik het gevoel dat ik de Canadese grens daadwerkelijk kon bereiken.

Aan de overkant van de rivier voerde de PCT me door dichte weelderige bossen waar de schemering al leek te zijn begonnen. Ik moest nog anderhalf uur lopen naar mijn geplande kampplaats met hier en daar wat steile stukken stijgen. De ondergaande zon zette de grijze lucht in een gouden gloed en het koor van krekels zong steeds luider. Halverwege kwam ik aan bij de kampplaats, waar ik mijn cowboycamp opzette. Het was goed te merken dat de zon steeds eerder onderging. Vandaag vond de zonsondergang voor het eerst voor 20:00 plaats.

Vanwege opnieuw een hete weersverwachting, wilde ik de volgende ochtend om 05:00 uur opstaan, maar ik kwam moeizaam mijn tent uit. Om 07:15 was ik pas vertrokken, waardoor ik op de blaren van mijn keuze moest zitten. Het was namelijk al behoorlijk warm en broeierig. Door de geringe hoogtemeters en het weelderige bos was het enorm warm en vochtig, dus ik baadde binnen de kortste keren in het zweet.

Een 950 meter hoge klim over 12 kilometer, nam de hele ochtend en het begin van de middag in beslag. Eindelijk begon ik aan de lange afdaling naar Rock Creek, waar ik om 14:45 aankwam voor een lange pauze. Doordat ik gisteren al wat mijlen had gemaakt, hoefde ik nog zo'n 8 kilometer af te leggen naar mijn geplande kampplaats.

Nadat het wat was afgekoeld, begon ik aan iets geleidelijkere klim dan die van vanochtend. In de schemering zat de klim erop en kon ik snel mijn tent opzetten langs een onverharde weg.

Vanwege een wat onstuimige nachtrust kwam ik later mijn tent uit dan ik wilde. Aangezien de regen de boel wat had afgekoeld, was later opstaan echter geen ramp. Rond 07:30 begon ik aan een lange afdaling die me weer naar diepe weelderige dalen voerde. Behalve de trail leek vrijwel elk oppervlak hier bedekt onder een groene deken van planten en mos. Aan het eind van de ochtend begon het licht te regenen, maar door het dichte bladerdak boven mijn hoofd, had ik daar weinig last van.

Toen het was opgeklaard besloot ik te lunchen langs de koele Panther Creek, waar laaghangende mistbanken werden verdreven door de doorgebroken zon. Ook nam ik hier het besluit om een alternatieve route langs een verharde weg te nemen, die een iets directere koers dan de trail nam. Zo hoefde ik tijdens de broeierige middaguren alleen een lange maar geleidelijke klim af te leggen, in plaats van een steile etappe die me later weer naar beneden zou voeren. Bovendien was het alternatief 8 kilometer korter dan de PCT.

Logistiek gezien had ik de beste route genomen, erg bezienswaardig was het echter niet. Met de muziek op mijn telefoon was de klim over het warme asfalt goed te doen, maar ik nam me voor om voortaan alleen alternatieve routes te nemen als ze de moeite waard waren. Toen de asfaltweg overging in een onverharde weg, kwam ik Fly High tegen. Door samen het laatste stuk richting de trail te lopen, leek de tijd gelukkig wat sneller te verstrijken. Weer bij de PCT aangekomen, waren we inmiddels de 2200e mijlpaal van de trail gepasseerd. Ook hadden we de loofbomen op deze hoogte voorlopig achter ons gelaten en liepen we uitsluitend nog tussen de naaldbomen.

Nadat we even hadden uitgerust, liepen we ruim 4 kilometer verder naar Sheep Lake. Hier filterden we water en zetten we onze tenten op. Vanwege de regen van vandaag leek het een vochtige nacht te worden met veel condensatie. Ik hoopte dat er de volgende dag genoeg zon was zodat ik mijn tent kon laten drogen.

20250825_145329

De volgende ochtend was mijn tent zoals verwacht doorweekt van de condensatie. De strakblauwe lucht boven mijn hoofd beloofde gelukkig genoeg zon om mijn tent later vandaag te laten drogen. Afgezien van de eerste gestage klim, bestond de dag uit gemoedelijke etappes over hellingen en bergruggen.

's Ochtends had ik even uitzicht op de vulkanen Mount Hood in het zuiden en Mount Adams in het noordwesten. Daarna voerde de PCT me weer langs meren en door bossen, waar ik soms een glimp van de naderende herfst opving: spinnen waren druk in de weer met webben weven, paddestoelen staken uit de grond en de eekhoorns waren op zoek naar voedsel voor hun wintervoorraad.

Ook had ik een opmerkelijke ontmoeting met een konijn. Het dier kwam via de trail mijn kant op en bleef stilzitten toen ik in de buurt kwam. Zelf ging ik ook stilstaan om een foto te maken, maar daar was het konijn te beweeglijk voor. Hij kwam namelijk steeds dichterbij, tot hij besloot om me te passeren. En dan niet met een boogje om me heen, maar tussen mijn benen door. Verbaast liep ik verder.

Aan het eind van de dag zette ik mijn tent op in de buurt van Trout Lake Creek, waar ik de kampplaats deelde met Fly High en Amelia. Terwijl ik mijn slaapzak lag hoorde ik het rustgevende geklater van de beek en twee uilen die naar elkaar riepen in het donker.

De wekker stond de volgende ochtend om 05:00 uur. Ik wilde namelijk op tijd aankomen bij de weg naar het plaatsje Trout Lake, omdat er om 08:30 een shuttle zou vertrekken. Om 06:00 uur was ik onderweg en had ik ruim de tijd om de 7,5 kilometer af te leggen naar de weg. Samen met Amelia en Fly High wachtte ik langs de weg op de shuttle, of met wat geluk op een lift. Er was geen verkeer op de weg te zien, maar de eerste auto die langsreed stopte voor ons. Zo waren we iets eerder aangekomen in Trout Lake en konden we heerlijk ontbijten.

De rest van de dag zag eruit als mijn gewoonlijke dagen in een plaats: voorraad inslaan, een was draaien, douchen en spullen opladen. In de vroege avond ging ik weer langs de weg staan om een lift richting de trail te regelen. Hopelijk waren de liftgoden me goedgezind.

 

Wil je een trailangel op afstand zijn en een bijdrage leveren aan mijn boodschappen? Dat kan via Gofundme

Mijn dankbaarheid gaat verder dan de 2650 mijl van de PCT!

 

Altijd op de hoogte blijven?