Dag 91 - 106 op de PCT

21 augustus 2025 - Thomas van Roijen

Onze redacteur Thomas heeft zijn wandelschoenen opnieuw gestrikt voor een ongekend avontuur: hij is begonnen aan de volledige Pacific Crest Trail, een ruim 4300 kilometer lange tocht dwars door de Verenigde Staten. Wandelaars die deze tocht in een keer van begin tot eind afleggen, zogenaamde thru-hikers, trekken door de diverse en ongerepte natuur van de staten Californië, Oregon en Washington. Deze week wandelt hij langs watervallen en prachtige uitzichten.

Nadat ik gisteren al mijn taakjes op orde had, ging ik aan het eind van de middag bowlen met wat hikers. Het was erg gezellig, maar na een potje was het tijd om te eten en weer richting de trail te liften. Binnen 10 minuten kreeg ik een lift en rond 19:30 stond ik weer op de PCT. Iets meer dan een kilometer verderop maakte ik mijn cowboycamp klaar en zette de wekker voor 05:30.

20250719_173128  

Het eenvoudige terrein van de afgelopen dagen zette zich voort, waardoor ik in de vroege ochtend goed op kon schieten. Het grasland om me heen maakte langzaam plaats voor alsmaar hogere bomen en voor ik het wist daalde ik af door een bos met veel herten en eekhoorns. De trail liep hier vlak langs een splitsing naar de indrukwekkende Burney Falls, dus daar wilde ik wel even een kijkje nemen. Deze waterval bestaat uit twee vulkanische lagen: vanaf de bovenste laag stortte de Pit River zich naar beneden en uit de onderste laag stroomde water uit talloze bronnen uit de rotswand.

20250719_092454  
Even later vervolgde ik mijn weg weer door het bos en daalde ik af richting de dam van Lake Britton, die een horde vormde voor de Pit River. Bij een brug onder Rock Creek nam ik een lange lunchpauze en een net zo lang dutje. Hier kwam ik een grote zwarte Duitse herder van zes maanden en zijn baasje tegen. Ze waren een paar dagen aan het wandelen, maar omdat hun jodiumtabletten voor drinkwater op waren, moesten ze terug naar hun auto. Het was ontzettend heet, dus ik filterde wat water voor ze zodat ze veilig verder konden lopen.

20250721_114959

Toen ik weer onderweg was, was de lucht rokeriger dan hij tot nu toe was geweest. Ik bevond me meer dan honderd kilometer ten noordwesten van de Green Fire, maar de harde wind blies de rook mijn kant uit. Tijdens de lange maar geleidelijke klim tot boven de 1600 meter, probeerde ik zoveel mogelijk door mijn neus te ademen om het licht branderige gevoel in mijn keel te voorkomen. Gelukkig koelde de temperatuur verder af hoe hoger ik klom en was de zonkracht vanwege de heiige lucht laag.

20250729_202605

De trail was tegen de avond soms ontzettend overwoekerd, waardoor ik een klein stuk over een onverharde weg liep om het ergste stuk te vermijden. Vlak voor de schemering zette ik mijn tent op bij Clark Spring. Ik had lang niet meer in mijn tent geslapen, maar de afgelopen nachten had ik last van muggen gehad. Geen onuitstaanbare last, maar voldoende om me diep in mijn te hete slaapzak te verstoppen. Het was 's nachts namelijk nog lang warm.

20250729_204323

De volgende ochtend was het helder en was er nauwelijks rook in de lucht de bekennen. Ik liep over glooiende beboste hellingen en ving af en toe een glimp op van de imposante besneeuwde bergtop van vulkaan Mount Shasta. Vanwege de slechte zichtbaarheid van de afgelopen dagen, was het voor het eerst dat ik de berg zag.

20250720_084303

Aan het begin van de middag was mijn pauze langs een beek een stuk korter dan gisteren. Het was namelijk een stuk koeler, waardoor ik rond 14:15 alweer aan de wandel was. De stukken bos werden nu en dan afgewisseld door open terrein, waardoor ik vaker werd getrakteerd op mooie uitzichten. 's Avonds stak de trail een van de vele onverharde houtkapwegen over en zag ik hikers in campingstoelen zitten. Hier organiseerde trailangel en -onderhouder Mark trailmagic. Ik plofte in een van de stoelen neer en genoot dankbaar van ijskoude frisdrank en wat snacks.

Dit was de perfecte energieboost om de laatste klim van de dag af te ronden terwijl het nog licht was. Na een korte tussenstop bij een bron kwam ik aan bij een onverharde weg met tentplaatsen. Hier kampeerde ik samen met Iris uit China, Best Friend uit Duitsland en Savage uit Nederland.

's Ochtends werd ik verrast door het geluid van een paar regendruppels die op mijn tentdoek vielen. Een echte bui kwam er niet van, maar ik zag na een lange tijd weer eens meer grijs dan blauw in de lucht. Hierdoor was het lekker fris toen ik aan een langzame afdaling begon in een beboste kloof. Hoe lager ik kwam, hoe meer loofbomen het groene en waterrijke bos deelden met de altijd aanwezige naaldbomen. Toen de zon weer de overhand kreeg, liep ik in de beschutting van de hoge rotswanden en het bladerdak boven mijn hoofd.

Nadat ik bij een beek had geluncht met wat andere hikers en een dutje had gedaan, was het tijd voor een net zo lange en geleidelijke klim als de afdaling. Van de hete middagzon was nauwelijks iets te merken in de groene inhammen van de hellingen waar ik doorheen liep. Nadat ik aan het begin van de avond deze laatste klim achter de rug had, lag er alleen nog een glooiende afdaling voor de boeg.

20250801_202020

Beneden aangekomen liep ik langs de prachtige McCloud River naar een kampeerterrein, waar trailangel Mark weer stond met zijn pick-up en trailmagic. Samen met een handjevol andere hikers ruste ik uit in een campingstoel en luisterde naar het gitaarspel van Mock, die een album wilde schrijven op de trail. 

Ondanks de rivier waren er hier geen muggen te bekennen, dus ik besloot te gaan cowboycampen. Ik viel in slaap onder een maanloze sterrenhemel terwijl de vleermuizen op jacht waren.

De volgende ochtend stond ik om 05:00 uur op. Ik moest namelijk voor sluitingstijd bij het postkantoor van Castella aankomen, om een pakket met voorraad op te halen. Mijn dag begon met een lange klim die steeds geleidelijker werd naarmate de trail richting een bergrug steeg. Op open plekken had ik hier een prachtig uitzicht op de indrukwekkende Mount Shasta, de vulkaan Black Butte en de granieten rotsformaties van Castle Crags.

20250731_121352

Nadat ik tijdens de volgende afdaling de 1500 mijl was gepasseerd, naderde ik de Interstate 5. Deze volgde ik een tijdje over een onverharde weg langs een treinspoor, om zo bij het postkantoor aan te komen. Bij het naastgelegen tankstation at ik mijn lunch en dronk ik een biertje dat trailangel Paul me had aangeboden. Hij was toevallig in de buurt en maakte een praatje met me.

Even later liep ik nog een klein stuk verder naar een kampeerterrein met een douche en toiletten. Gedurende de middag kwamen hier steeds meer hikers binnendruppelen, waardoor er uiteindelijk ongeveer 15 mensen op de PCT-plaatsen kampeerden. De ongelooflijk gastvrije camphost en trailangel Woody had bij zijn trailer campingstoelen neergezet voor hikers en een oplaadpunt opgezet. Hier kwamen alle PCT'ers 's avonds bij elkaar voor trailmagic en uiteraard voor de gezelligheid. Ook kwamen er weer instrumenten tevoorschijn en werd er muziek gemaakt.

20250721_201536

De wekker stond weer om 05:00 om de meeste mijlen in de koele ochtend te lopen. Ik was de eerste die het kampeerterrein verliet toen ik aan de steile klim terug naar de PCT begon. Eenmaal teruggekeerd op de trail, liep ik over glooiend terrein door een koel en waterrijk bos. Terwijl het geluid van de interstate en de menselijke wereld langzaam verdween, ving ik tussen de bomen af en toe een glimp op van Castle Crags. De rotsen torenden hoog boven me uit als een onneembare vesting.

20250801_132334

Om op gelijke hoogte te komen met deze vesting, werd de trail een stuk steiler dan de afgelopen dagen. Het was broeierig en heet tijdens onbeschutte delen van de klim, waardoor ik regelmatig staand pauze hield als er wat schaduw was. Tijdens een van deze pauzes was ik stomverbaasd en blij verrast toen Backtrack opeens aan kwam lopen. De laatste keer dat ik hem had gezien was meer dan 1000 mijl terug en twee maanden geleden, vlak na de etappe door de Mojavewoestijn. Rookie, die ik daar ook voor het laatst had gezien, kwam eveneens tevoorschijn.

Hoe kwam het dat ik ze plotseling weer tegenkwam? Ter hoogte van South Lake Tahoe kregen Rookie en Backtrack het gevoel dat ze de PCT op hun tempo niet op tijd af konden lopen. Daarom hadden ze besloten de trein van Truckee naar Dunsmuir in Noord-Californië te nemen. Nadat het grootste deel van de klim erop zat, aten we onze lunch bij een beek en praatten we elkaar bij.

20250728_181126

Rond 16:00 was het aardig afgekoeld en was ik weer onderweg. Daarnaast volgde de trail nu vooral de loop van bergruggen, waardoor er nauwelijks hoogteverschil was. Terwijl ik nu boven de hoogte van Castle Crags uitkwam, zag ik na elke bocht elke keer weer nieuwe uitzichten. Mount Shasta kwam elke keer weer vanuit een andere hoek in beeld, maar was elke keer even indrukwekkend.

Het was in de late avond nog erg mooi op de trail, maar ik was na bijna 40 kilometer lopen ergens ook wel klaar om te stoppen. Tegen de schemering kwam ik eindelijk aan bij wat tentplaatsen langs een onverharde weg, waar al wat andere hikers waren. Ik had me hier verkeken op een loeisteile klim en afdaling van en naar een bron. Tijdens het water filteren bij de stroom werd ik van alle kanten aangevallen door de muggen, wat het er allemaal niet sneller op maakte.

Weer bij de trail aangekomen, bleken de paar tentplaatsen allemaal bezet. Dan maar een schuine plek aan de zijkant van de onverharde weg. Diep in de schemering zette ik snel mijn tent op en at ik mijn avondeten. Dit was even een dieptepunt, maar met een volle maag en mijn zachte slaapmatje onder mijn rug, was ik dat al gauw vergeten.

20250730_181523

Vanwege de intensieve dag van gisteren bleef ik wat langer in mijn slaapzak liggen dan normaal. Vandaag stond er een etappe van weinig hoogteverschillen en glooiend terrein over bergruggen op de planning. Zo kon ik mijn benen wat rust gunnen en kon ik de uitzichten goed in me opnemen. Mount Shasta, die er zoals altijd weer indrukwekkend bij lag, was goed te zien op de open hellingen waarover ik liep.

Bij een afgelegen parkeerplaats besloot ik te lunchen en de hitte van de middag af te wachten. Ik was vrijwel de hele ochtend niemand tegengekomen, maar toen ik na mijn dutje wakker werd, kwamen er kort na elkaar zeker tien PCT'ers aanlopen. Zo ook Biped, die ik sinds de Yosemite Wilderness niet meer had gezien. Hij was vanwege een bruiloft voor een week van de trail afgegaan, om gisteren de draad weer op te pakken. Leuk om zo kort na Backtrack en Rookie ook Biped weer tegen te komen.

Tijdens mijn dutje waren er in de verte grote wolkenvelden aan komen drijven met grote regensluiers. Het heftigste noodweer leek me te zullen sparen, maar in de bergen kan het weer onvoorspelbaar zijn. Terwijl ik verder liep door hetzelfde glooiende terrein, nam de dreigende bewolking toe en was er donder te horen boven de hogergelegen bergwanden. Tijdens mijn verdere tocht tot diep in de avond had ik echter geen last van het weer. Het enige lichte buitje dat ik over me heen kreeg duurde tien minuten en was eerder verkoelend dan hinderlijk.

Ergens na achten zette ik tussen twee lage bergtoppen mijn tent op. Mijn buurman voor vandaag was Jacob uit Slowakije, die hier zijn tent al had staan. De lucht was weliswaar dreigender geworden, maar het echte noodweer leek achter de hoge bergwanden te blijven hangen.

Zo at ik in alle rust mijn avondeten en kon ik genieten van de ondergaande zon, de harde knallen en felle flitsen en het geklingel van koeienbellen in de vallei onder me. Nog geen tien minuten nadat ik in mijn tent lag begon het hard te regenen. Dit hield na anderhalf uur echter alweer op, waarna de harde wind 's nachts alle tijd had om mijn tent droog te blazen.

De volgende dag begon koel met wat wolkenvelden, maar toen de zon tijdens de eerste mijlen doorbrak werd het al snel broeierig warm. Gelukkig daalde ik af tussen de bomen, waardoor het allemaal goed te doen was in de schaduw. Nadat ik Reily, Biped en Ed weer was tegengekomen bij een kampplaats langs een grote weg, stond er een relatief uitdagende klim voor de boeg. Er stonden hier een stuk minder bomen, waardoor ik het door de vochtige hitte al snel op een zweten zette. Er dreven wat wolken mijn kant op en er was gedonder te horen, dus hopelijk kwam er wat verkoeling aan.

Langs een beek at ik mijn lunch samen met Dawdle, Reily, Ed en Biped, om rond 14:00 weer op pad te gaan. Terwijl de trail steeg over hellingen en rotsachtige bergruggen, betrok de lucht en werd het gedonder luider. Gelukkig kreeg ik van het noodweer alleen de goede dingen mee: korte verkoelende buitjes en mooie luchten. Nadat ik aan het eind van de dag door wat afgebrande stukken bos was gelopen, zette ik mijn tent op in de buurt van Biped en Reiley. Op deze bergrug had ik een indrukwekkend uitzicht op wolken die rood en roze kleurden door de ondergaande zon. Regen bleven mij en mijn tent voor de rest van de avond en nacht gespaard.

Net als gisteren begon de dag fris, maar werd het al snel warm. De etappe van vandaag bestond uit korte, maar steile stukken stijgen en dalen. Zeker de stukken klimmen waren soms behoorlijk intensief, maar het leverde gelukkig elke keer nieuwe uitzichten op. 's Ochtends liep ik afwisselend over hellingen met levende bomen en afgebrande bomen. Alhoewel de kale hellingen weinig schaduw boden, fleurden kleurrijke en geurige bloemen het geheel op. De ogenschijnlijk levenloze omgeving barstte hierdoor van de bijen, vlinders en andere insecten.

Na al het steile geklim was ik toe aan lunch. In de buurt van een bron die recht uit een groene helling stroomde, pauzeerde ik en deed ik een verkwikkend dutje. Toen ik wakker werd, was de lucht heiig geworden door de rook van de Butler Fire in het zuidwesten. De harde wind had de rook mijn kant op geblazen, waardoor de verre hellingen in het westen verborgen lagen achter een dichte sluier. Tijdens een lange en zware klim langs een bergwand met indrukwekkende rotsformaties, kon ik goed zien waar de rook vandaan kwam. Boven de brand stegen grote grijze wolken op die het zonlicht oranje kleurden.

Toen de langste klim van de dag erop zat, zag ik in een half verbrand bos voor het eerst een beer. Volgens mij had het dier me al gezien, want hij stak voorzichtig de trail over en liep over de helling naar boven. Hij bleef wat hogerop zitten en hield me tussen de bomen door angstvallig in de gaten. Toen de beer doorhad dat ik hem zag, draaide hij zich om en sprintte de berg op. Het ging allemaal erg snel, maar ik was blij dat ik zo'n groot en mooi dier had gezien. Het is overigens een misvatting dat beren kwaad in de zin hebben, zeker als het om de kleinere zwarte beer gaat. Zwarte beren zijn bij uitstek omnivoren die qua prooidieren af en toe knaagdieren, insecten en vissen eten.

Een uur later zette ik mijn tent op langs Paynes Lake, waar mijn buurvrouw al in haar tent lag. Ed, Biped en Reily kampeerden aan de andere kant van het water, maar daar was helaas geen plek meer.

De volgende ochtend begon ik aan een korte etappe van 9 kilometer richting de Sawyers Bar Road, vanwaar ik in het Etna wilde geraken. In dit een na laatste plaatsje in Californië wilde ik voorraad inslaan, uitrusten en mijn een na laatste paar schoenen ophalen bij het postkantoor.

Het was een heldere ochtend, maar rond de lagere hellingen in het oosten was het behoorlijk heiig. Tijdens een gemoedelijke klim langs meren en rotsachtige bergwanden, leverde dit mooie uitzichten op. De afdaling naar de weg verliep heerlijk soepel, wat vooral te danken was aan de goed onderhouden trail. Het leek erop dat er recent nog aan dit stuk PCT was gewerkt. Alle omgevallen bomen waren van het pad gehaald en de ondergrond was schoongeveegd.

Bij de weg deed ik samen met Tort en Drip Pee een poging tot liften, maar langs deze afgelegen weg was dat knap lastig. Na een halfuur kwam trailangel Dusty aanrijden om wat hikers bij de trail af te zetten. Tijdens het hikerseizoen reed ze zeven dagen per week af en aan naar de trail om PCT'ers een handje te helpen. Voor een tientje konden we met haar meerijden terug naar Etna. Nadat we alledrie een goed vullende lunch achter de kiezen hadden, ging ik naar een kampeerterrein en Tort en Drip Pee naar een motel.

De rest van de dag bestond uit een was draaien, douchen en vooral uitrusten. Ook praatte ik bij met Backtrack, die aan het eind van de middag was aangekomen. Later op de avond ging ik heerlijk barbecuen met Ketchup, Traffic Cone, Prez en Aces. Moe en met een volle maag zocht ik mijn slaapzak op voor een goede nachtrust.

De volgende dag was het precies honderd dagen geleden dat ik aan de PCT begonnen was. Het leek een eeuwigheid geleden dat ik aan de Mexicaanse grens stond en de eerste stappen naar het noorden zette. Inmiddels moest ik nog ongeveer 1000 mijl afleggen tot de Canadese grens en kroop Oregon langzaam maar zeker dichterbij.

Nadat ik al mijn taakjes had afgerond en een grote late lunch had gegeten, was het tijd om weer terug naar de trail te gaan. Rond 16:30 stapte ik samen met Thierry, die de trailname Monsieur had gekregen, bij Dusty in de auto. Onderweg naar boven begon het te hozen alsof er een wolkbreuk was. Wonderbaarlijk genoeg stopte het met regenen toen we een halfuur later uitstapten. Toen er weer een bui aankwam, was ik snel vertrokken naar de beschutte beboste helling waar de trail zijn weg over vervolgde.

Het klaarde al snel weer op, waardoor ik in de felle zon over bergruggen en open hellingen verder liep. Het was een prachtige tocht met elke keer weer een nieuw uitzicht dat zich voor me uitstrekte. Het handjevol tentplaatsen waar ik wilde kamperen was al grotendeels bezet, dus ik moest genoegen nemen met een cowboycamp. En dat was zo slecht nog niet: in mijn donsjas was het goed te doen en op deze bergrug had ik onbelemmerd zicht op de sterren en de melkweg. De herten waren tot laat in de avond behoorlijk actief rond de kampplaats. Drogende bezwete kleding en plasresten zijn namelijk een ideale bron van zout.

De volgende morgen liep ik door brandzone's uit verschillende jaren, of door bossen en groene weides. De verbrande stukken bos waren hier gelukkig een stuk minder groot dan de etappe voor Highway 36. Daarnaast zorgden de grotere hoogteverschillen hier op zijn minst voor uitzichten wanneer er geen levende boom meer overeind stond.

Vanaf het eind van de ochtend werd het terrein rotsachtiger en steiler, waardoor de trail in korte tijd recht omhoog en omlaag liep om rotsformaties te omzeilen of bergruggen over te steken. Hoewel dit zwaar was, was het ook mooi om tussen de grillige bergen en rotsen te lopen. Zeker daar waar marmer aan de oppervlakte kwam. Het heette niet voor niets de Marble Mountain Wilderness.

Ruim na de lunch begon ik te twijfelen of ik door de steile klimmetjes mijn geplande kampplaats wel zou halen. Ik besloot door te zetten en te kijken hoe ver ik zou komen. Halverwege de avond werd het terrein minder rotsachtig, waardoor de trail iets afvlakte. Nadat ik water had gefilterd wilde ik nog anderhalve kilometer naar een kampplaats verder lopen. Deze lag 3 kilometer van mijn geplande kampplaats, dus mijn achterstand was te overzien.

De laatste klim van de dag was vanwege tientallen omgevallen nog behoorlijk pittig. De trailwerkers die ik eerder was tegengekomen, waren hier kennelijk nog niet geweest. Ik was meteen dankbaar voor de stukken trail die deze mensen voor mij en andere hikers hadden opgeruimd.

In een rode zonsondergang kwam ik aan kwam ik aan op de kleine bergrug waar ik mijn cowboycamp wilde klaarmaken. Ik at mijn avondeten en ging weer slapen onder een sterrendeken en de melkweg. Ik schrok op een gegeven moment wakker van een schril gepiep dat van vlakbij leek te komen. Een rat? Of ik me dit had ingebeeld wist ik niet, maar ik schoof mijn rugzak met eten een stuk dichter naar me toe. De volgende ochtend zag ik dat het shirt dat ik had uitgehangen over m'n tas, vol met geknaagde gaten zat. Het shirt kon helaas de prullenbak in.

Nadat ik in de ochtend nog een paar korte steile stukken had geklommen, begon ik aan een lange afdaling van bijna 32 kilometer. Tijdens de eerste kilometers dalen door een afgebrand bos, lagen er een hoop omgevallen bomen over de trail. Even was ik bang dat dit nog lang aan zou houden, maar toen de trail me langs Grider Creek leidde, was de weg weer grotendeels vrij van obstakels. Hier liep de PCT over de wanden van de diepe groene kloof waar de beek doorheen liep.

20250727_084828

Na een pauze onder een brug was ik halverwege de middag weer onderweg. Het was sinds de late ochtend broeierig warm en dat leek alleen maar toe te nemen. De donkere wolken die zich in de lucht verzamelden en het gerommel dat af en toe te horen was, lieten zien waarom. Toen de kloof zich verbreede liep ik over een onverharde weg met heerlijke bramen in de berm. Die kon ik natuurlijk niet aan me voorbij laten gaan, waardoor het looptempo iets afnam.

Het begon langzaam te regenen, maar er waren hier genoeg bomen die me van de hardste regenvlagen afschermden. Plots zag ik een raaf zitten aan de zijkant van de weg. Hij liep wat heen en weer en had een lamme rechtervleugel. Ik bleef hier lang twijfelen of ik hem mee kon nemen om het beestje te helpen. Ik had niet echt iets om hem in mee te dragen en ik moest zeker nog een uur lopen naar het miniplaatsje Seiad Valley, waar het maar de vraag was of ze de raaf verder konden helpen. Met een schuldgevoel zei ik de raaf gedag en vervolgde mijn weg.

Bij de Highway 96 stak ik de brug over de Klamath River over en liep in twintig minuten naar de general store van Seiad Valley. Ik was hier blijkbaar een kwartier voordat de winkel om 19:00 zou sluiten, waardoor ik snel mijn voorraad in moest slaan. De eigenaar van de winkel wilde Fly High uit Mexico, Savage uit Nederland, Bear Snack uit Duitsland en mij wel afzetten bij de camping verderop.

Hier was ik net op tijd om voor een donatie te kunnen eten van het buffet dat hier voor hikers was klaargemaakt. Ik schoof aan tafel bij Penthouse uit Italië, Jinx uit Engeland en Gripless uit Nederland. Van gastheer Bill kregen we zelfs wijn aangeboden, waardoor het een heus feestmaal werd. En er viel ook wel wat te vieren: we waren inmiddels minder dan 1000 mijl verwijderd van het eindpunt van de PCT aan de Canadese grens. Dit was een nogal vreemde gewaarwording. De volgende ochtend wilde ik vanwege een meer dan 1200 meter hoge klim op tijd vertrekken. Nadat ik had gedoucht was het dan ook tijd om mijn tent op te zoeken.

Om 05:45 was ik alweer onderweg. Nadat ik een stukje langs de weg had gelopen begon ik aan de lange klim naarboven. Die was af en toe behoorlijk steil, maar over het algemeen goed te doen. Er was bovendien genoeg schaduw biedende begroeiing en er schoof zo nu en dan een wolk voor de zon. Terwijl ik van de ene top naar de andere klom, werden de brede Klamath River en de vallei steeds kleiner.

Aan het eind van de ochtend zat het grootste en steilste stuk klimmen erop en voelde het alsof ik me op de top van de wereld bevond. Tot aan de lunch liep ik nu alleen nog maar over glooiend terrein over hellingen en bergruggen. Bij een beek trof ik een pauzerende Fly High, Savage en Bear Snack aan, dus ik besloot hier ook te lunchen. Ondertussen werd het steeds bewolkter en vielen er op een gegeven moment dikke druppels naar beneden.

Bear Snack en Savage besloten ondanks het weer verder te lopen, Fly High en ik bleven het nog even afwachten. Ik wilde er vandaag een kortere dag van maken, dus ik had genoeg tijd. Het ging steeds harder regenen en het begon zelfs te hagelen, maar hier onder de sparren bleef het redelijk droog. Toen het eindelijk was gestopt met regenen, liep ik nog zo'n 5 kilometer verder naar mijn geplande kampplaats. Langs een onverharde weg zette ik mijn tent op en bij een beek verderop filterde ik wat water. Aan het begin van de avond kwam Monsieur ook aan bij de tentplaatsen.

Op het moment dat ik mijn tent inging begon het twee uur lang hard te regenen en donderen. Wat een timing was het weer en wat een behaaglijk gevoel om droog in mijn slaapzak te liggen.

De volgende ochtend begon met een korte klim door een deels afgebrand bos. Door alle omgevallen bomen was ik hier een uur langer mee bezig dan gepland. Het was dan ook een hele verademing om daarna door een prachtig donker bos te lopen van levende bomen. Bij een kort maar loeisteil pad naar een bron, besloot ik samen met Pringles, Sour Skittles, Gandalf en Bull te pauzeren.

Toen ik na de lunch weer onderweg was, begon het zacht te regenen. Het ging steeds harder te keer, waardoor ik voor 20 minuten schuilde onder wat sparren tot het merkbaar zachter ging regenen. Ik was blij dat ik mijn regenhoes om mijn tas had en dat ik voornamelijk onder de bomen liep, want de regen hield drie uur lang aan en viel bij vlagen soms hard naar beneden. De grensovergang naar Oregon, waar ik samen met Pringles en Sour Skittles aankwam, was een fijne mentale oppepper. Na bijna 1700 waren we dan eindelijk de staat Californië uit. En wat een staat. Van woestijnen tot besneeuwde bergpassen, ik had veel van deze prachtige en diverse staat mogen ervaren. Op naar Oregon en Washington.

Ik moest nog ongeveer anderhalf uur klimmen naar mijn geplande kampplaats. Het was soms nog behoorlijk steil en de harde regen kwam op de boomloze stukken helling genadeloos naar beneden. Om niet te veel te zweten tijdens de klim, had ik mijn regenjas niet aangedaan. Hierdoor moest ik het tempo hoog houden en blijven bewegen om niet te snel af te koelen. Toen ik in de buurt kwam van de kampplaats kwam die ik deelde met Sour Skittles, Pringles en Gandalf, werd het langzaam droog en werd ik getrakteerd op indrukwekkende luchten. Met verkleumde vingers zette ik gauw mijn tent op en deed warmere kleding aan.

Ik werd wakker op een stralende ochtend, een perfecte dag om de 1700e mijlpaal te passeren. Over glooiende hellingen begon ik aan een geleidelijke klim om vervolgens net zo geleidelijk weer af te dalen. Het ene moment liep ik door donkere bossen van hoge sparren en dennen en het andere liep ik tussen geurige en kleurrijke bloemen en struiken. Het was een prachtige dag met verspreide wolkenvelden die heerlijk verkoeling boden.

20250726_190157

Omdat ik in de buurt van Ashland was en het weekend was aangebroken, waren er een hoop andere wandelaars op de trail. Vrijwel iedereen was in voor een praatje en was oprecht geïnteresseerd in de PCT en zijn hikers. Na een korte pauze ging ik gauw weer onderweg. Ik wilde namelijk op tijd aankomen bij de Interstate 5 om vandaar een lift te regelen richting Ashland. Door het prettige terrein vlogen de 36 kilometer van vandaag er zo doorheen en bevond ik me op de oude route van. Highway 99, die zich naast de interstate bevond.

20250723_115648

Hier kwam ik de Canadese Ed tegen, die zijn neef Bull opwachtte. Bull had de PCT vanaf Quincy gelopen en zou hier de trail verlaten. Ed verbleef in Ashland om later ook zijn zoon te helpen, die de PCT ook liep. Hij wilde mij en Monsieur, die later aan kwam lopen, ook wel een rit naar Ashland geven. In het hostel merkte ik hoe moe ik was van de afgelopen paar dagen. Ik zocht mijn bed op en viel als een blok in slaap.

De volgende dag belde ik met vrienden en familie, draaide ik een was en werd ik door Ed opgehaald om voorraad in te slaan bij de Walmart en langs een buitensportwinkel te gaan. Mijn waterzak had het namelijk weer eens begeven. Gelukkig kwam ik ook aan uitrusten toe.

Wil je een trailangel op afstand zijn en een bijdrage leveren aan mijn boodschappen? Dat kan via Go fund me.

Mijn dankbaarheid gaat verder dan de 2650 mijl van de PCT!

 

Altijd op de hoogte blijven?