Op mijn stadswandelingen loop ik graag van net buiten het centrum naar de uiterste randen. In Parijs heb ik genoten van de Traversées de Paris, die me in wijken brachten waar ik nog nooit was. In Amsterdam heb ik heel goede herinneringen aan wandelingen door Noord, langs het IJ en de NDSM-werf en langs de Sloterplas naar Osdorp. Dit keer ga ik naar een wijk waar ik nog nooit wandelde: de Bijlmermeer.
Tekst en foto’s: Aat van der Harst; www.verhalenonderweg.nl
Een historische wandeling
In mijn rugzak zit vandaag het boek Amsterdam in 10.000 stappen, geschreven door Hannah Bakx en Roos Hamelink. De schrijvers zijn beiden opgeleid in Publieksgeschiedenis en willen met hun historische verhalen ook jongere lezers bereiken. Vanaf Amsterdam Centraal neem ik de metro naar station Ganzenhoef. Hier loop ik rechtsaf naar de Harriët Freezerstraat. Tot de jaren zestig stond je hier midden op het platteland. Door het grote woningtekort ontstond het plan voor een nieuwe wijk van 100.000 bewoners. In november 1968 kreeg het echtpaar Copray als eerste de sleutel van hun woning in de flat Hoogoord. Ik wandel langs buurtboerderij Gliphoeve naar de flats Gravestein en Geldershoof. Het zijn honingraatflats, ontworpen door Siegfried Nassuth. Ze hebben alle dezelfde vorm met bergingen beneden en daarboven lange binnenstraten. Het was in de jaren zestig een tijd van optimisme. De bedoeling was dat hier louter gelukkige mensen zouden wonen, die genoten van het vele groen tussen de flats. Aanvankelijk was dat ook zo, maar al gauw kreeg de wijk een minder goede naam door o.a. een falend afvalsysteem, criminaliteit en vernielingen. Doordat mensen er wegtrokken, onder andere naar Almere en Purmerend, ontstond er ook veel leegstand. Ik steek de Bijlmerdreef over en ga op een bankje bij een speeltuin zitten. Er spelen kinderen, de flats zien er goed geverfd uit en hebben ruime balkons. Kennelijk is er sinds de probleemtijd veel ten goede veranderd. Ik loop onder een passage door en sta voor een bijzonder monument.
De boom die alles zag
Op 4 oktober 1992 stortte hier een vrachtvliegtuig van El Al neer op twee flats. Het is de grootste vliegtuigramp uit onze geschiedenis. Meer dan veertig mensen komen erbij om, bemanning en bewoners van de flats Groeneveen en Klein-Kruitberg. De dagen na de ramp komen inwoners van de wijk samen rond de boom die alles zag. Die maakt nu deel uit van het monument waar ik voor sta. Ik zie mozaïektegels en teksten die een indrukwekkend geheel vormen. Voor de Pa Sembrug ga ik linksaf en zie boven mijn hoofd een metrostation van de ondergrondse die hier hoog boven de grond loopt. In mijn boekje lees ik dat de gemeente Amsterdam op een gegeven moment alle Bijlmerflats wilde afbreken, maar dat een groep bewoners, de Bijlmer Believers, dit verhinderd hebben. In die tijd waren de metrostations soms plekken met veel verslaafden. De ingangen van de stations werden transparanter gemaakt om de zichtbaarheid van de reizigers te vergroten en er kwam in de avonden meer verlichting. De helft van de oorspronkelijke flats kon behouden worden.
Kwaku-festival
Via het Kraaiennestpad kom ik in een ander deel van de Bijlmer terecht. Hier zijn de flats wel gesloopt en vervangen door laag- en middenbouw. Via gezellige straten kom ik bij het Nelson Mandelapark, ooit aangelegd als het Bijlmerpark. Dit park is op het moment van mijn wandeling eind juli niet toegankelijk, omdat hier het jaarlijkse Kwaku-festival plaatsvindt als herinnering aan de afschaffing van de slavernij. Langs het Bijlmer Park Theater kom ik bij een groot beeld van Anton de Kom. Hij werd geboren in Suriname in 1898, kwam naar Nederland en schreef het boek Wij slaven van Suriname. In de Tweede Wereldoorlog zat hij in het verzet en kwam om in een Duits concentratiekamp. Het beeld op het plein is indrukwekkend en eert een groots man. In het winkelcentrum drink ik een koffie tegenover een apart gebouw, zandkleurig en met blauwe kozijnen. In mijn boekje lees ik dat dit zogenaamde Zandkasteel ooit hoofdkantoor van een grote bank was. De architecten wilden het gebouw een organische en vriendelijke uitstraling geven. De deur staat open en ook binnen zijn de trappen en plafonds rond gebouwd met nergens scherpe hoeken. Langs lage roodgekleurde woningen van de straat Hoptille en onder een weg door, kom ik bij metrostation Bullewijk, eindpunt van de wandeling. De metro brengt me terug naar het Centraal Station.
Historische stadswandelingen
De schrijvers van het boeiende wandelboekje zijn er goed in geslaagd om me wat meer te laten begrijpen van architectuur en geschiedenis van een wijk die ik niet goed ken. Ze laten me regelmatig stilstaan en leggen dan historische feiten op een verhalende manier uit. In hun boek staan tien Amsterdamse stadswandelingen die alle rond de 10.000 stappen tellen, een mooier aantal dan de 7000 die de laatste weken ineens aanbevolen worden. Ik kijk uit naar wandelingen door de Plantage en door Bos en Lommer, steeds ver van de Dam en de drommen toeristen. Wandelen en tegelijk leren over een stad is boeiend!
Meer informatie
Boek: Amsterdam in 10.000 stappen, historische wandelingen door een stad. Hannah Bakx en Roos Hamelink. Van Oorschot, 2024 ( vijfde druk)